Lead Image 1:
Lead image TXT 1: Hoogleraar strafrecht Marieke Dubelaar. Foto: Omroep Gelderland
Aanslag op woning Hedel. Foto: Bart Meesters

Aanslag op woning Hedel. Foto: Bart Meesters

HEDEL - Ali G., de hoofdverdachte in de zaak van het afgeperste fruitbedrijf De Groot, hoort deze week zijn strafeis. Justitie ziet hem als het brein achter het sturen van dreig-sms'jes en een grote reeks aanslagen die hier op volgde. Het Rivierengebied kreeg te maken met een ware terreurcampagne. En toch is er de kans dat de straf niet heel extreem uitvalt: "Terreur in de samenleving is iets anders dan het actief bewijzen van terrorisme in de rechtszaal."

Maandagochtend is het zover, dan zal de boomlange Bussumse crimineel Ali G. plaatsnemen tegenover de Arnhemse rechtbank. Vier dagen lang zal het in de rechtszaal gaan over de vraag in hoeverre Ali schuldig is aan het uitlokken van een groot aantal dreigementen en aanslagen gericht tegen medewerkers van fruitbedrijf De Groot.

De lijst van delicten die hem wordt aangewreven is lang: het gaat van brandstichting in Hedel, waar twee broers hun woning verloren, tot aan brandbommen en beschietingen bij de voordeuren van (oud-)personeel van De Groot. Volgens justitie gebruikte Ali G. dergelijke 'terreuracties' om een groot bedrag aan afpersingsgeld bij de directie van De Groot los te krijgen. Na hem zullen ook nog andere verdachten in de rechtszaal plaatsnemen, de zaak duurt uiteindelijk drie weken.

Zie ook: Henri ontsnapte bij aanslag op zijn huis: 'Ik had dood moeten zijn'

De openbaar aanklager lijkt zeer sterk te staan in deze zaak: Ali is aangewezen door een van de verdachten, toen die door undercoveragenten is klemgereden, en 'doorsloeg.' En ook bevatten het onderzoeksdossier 'Panter' in deze zaak de nodige sms'jes tussen verdachten onderling. Daarin spreken zij over de opdracht tot het plegen van aanslagen, en de bedragen die Ali hiertoe in het vooruitzicht heeft gesteld.

Opvallend zijn de bewijzen die recent aan het dossier zijn toegevoegd: Ali zou ook van plan zijn geweest in 2020 een criminele rivaal uit Zaandam te vermoorden. Een zaak die niet direct iets te maken heeft met de aanslagen in het Rivierengebied.

Die afpersing begon in mei 2019, nadat de politie 400 kilo cocaïne aantrof tussen een partij bananen bij fruitbedrijf De Groot in Hedel. Kort hierop begonnen criminelen - volgens justitie Ali en zijn handlangers - met het sturen van sms'jes. Als de directie van de transportfirma niet snel met een miljoenenbedrag over de brug kwam zouden familieleden van De Groot moeten vrezen voor hun leven. Een half jaar later zouden deze dreigementen kracht worden bijgezet via aanslagen met brandbommen en kogelinslagen.

Geen terroristisch oogmerk, geld lospeuteren was het doel

Juridisch lijkt de zaak goed dichtgetimmerd. Maar komt er straks ook een vonnis uit de bus rollen waar de slachtoffers straks vrede mee zullen hebben? Voor het plegen van terreurdaden kun je in Nederland levenslang krijgen. Maar is dat hier ook het geval?

Dat is maar de vraag. "Je kunt dit gerust een terreurcampagne noemen, en zo zullen de slachtoffers het ook beleefd hebben," zo stelt Marieke Dubelaar, hoogleraar strafrecht aan de Radboud Universiteit. "Maar dat is iets anders dan handelen met terroristisch oogmerk. Het handelen met terroristisch oogmerk staat dan ook niet op de tenlastelegging. De acties waren specifiek gericht op de werknemers van het fruitbedrijf. Om zo geld los te peuteren bij de directie van het fruitbedrijf."

Hoogleraar strafrecht Marieke Dubelaar. - Foto: Omroep Gelderland

Maar er speelt nog meer dat er voor kan zorgen dat de straf kan beïnvloeden. De rechtbank heeft namelijk in februari al andere verdachten van dezelfde reeks aanslagen veroordeeld. Daaruit kwam naar voren dat het zwaarste delict dat is gepleegd tijdens de terreurcampagne - de brand bij de gebroeders Seepers in Hedel, medio november 2020 - niet als 'het uitlokken van een poging tot moord' kan worden beschouwd. Hooguit als het veel mildere 'uitlokking tot brandstichting', zo vonniste de rechtbank destijds. Het zou raar zijn als de rechtbank nu van dat oordeel zou afwijken.

Angst en slapeloze nachten niet doorslaggevend

Mensen die hun woningen moesten verlaten uit angst voor een aanslag. Kinderen die met angstgevoelens naar school gingen. Pure angst omdat mensen op een lijst van medewerkers stonden die door toedoen van het OM per ongeluk bij de verdachten zijn beland. Het zijn allemaal feiten die weinig invloed hebben op de harde bewijslast die nodig is om iemand voor lang achter de tralies te krijgen. "Natuurlijk zal de rechtbank meewegen dat veel mensen angst is aangejaagd door deze acties," zegt Dubelaar. "Dat kan de strafmaat zeker verhogen. Maar ook daar zitten beperkingen aan. In de rechtszaal telt alleen datgene wat onomstotelijk kan worden bewezen."

Voor de slachtoffers valt te hopen dat zaken die in februari niet behandeld zijn nu de doorslag geven. In februari stonden er verdachten voor de rechter die eind 2020 zijn opgepakt; en daarmee delicten die zij tot aan die datum hadden gepleegd.

Deze week gaat het om delicten die Ali G. volgens justitie samen met een nieuwe groep verdachten ook ná die datum heeft gepleegd, een hele reeks aanslagen in mei 2021 staat daarbij centraal. Feiten waartoe hij volgens het Openbaar Ministerie vanuit de gevangenis de opdracht toe heeft gegeven. Zaken die de rechtbank in eerdere vonnissen ongemoeid heeft gelaten.

Zie ook:

Deel dit artikel